Oceangoing Patrol Vessel - Navy Inside Navyinside.nl
Navy Inside

Zoekveld

Hollandklasse
De Nederlandse marine heeft in de periode van 2012 tot 2013 vier Oceangoing Patrol Vessels (OPV) van de “Hollandklasse” in dienst gesteld. De patrouilleschepen zijn ontwikkeld voor missies laag in het geweldspectrum. Het zijn flexibel inzetbare vaartuigen, welke ingezet kunnen worden voor taken zoals bewaking van kustwateren, antiterrorisme- en antipiraterij operaties en drugsbestrijdingsoperaties.
Ontwikkeling en bouw
Een belangrijk onderdeel van de “Marine studie 2005” was de verwerving van patrouillevaartuigen. Er werd in deze studie gesproken over het vervangen van een deel van de multipurpose fregatten van de Karel Doormanklasse door patrouillevaartuigen. De schepen zouden relatief groot moeten zijn en voorzien zijn van een helikopterdek, moderne sensor- en radarsystemen en een grote actieradius moeten hebben. De nieuw te ontwikkelen vaartuigen zouden weinig wapensystemen aan boord krijgen. De schepen zouden gaan opereren met een kleine bemanning.
In 2007 werd het akkoord getekend voor de bouw van vier patrouilleschepen en vier Integratie Sensor & Communication Systems (ISCS). De schepen zijn gebouwd door Damen Schelde Naval Shipbuilding (DSNS). Een deel van de patrouillevaartuigen werd in Roemenië gebouwd. De afbouw vond in Nederland plaats.

Kleine bemanning
De vaartuigen opereren in vergelijking met fregatten met een laag aantal bemanningsleden. Door gebruik te maken van een centrale bediening en het eenvoudige onderhoud van de verschillende systemen in de mastmodule is er een bemanning nodig van 50 man. Diverse systemen zijn geautomatiseerd of op afstand te besturen. Er is gebruik gemaakt van het 1-mansbrug concept, waardoor de schepen door een persoon volledig te bedienen en te bewaken is.

Laag in het geweldspectrum
De patrouillevaartuigen zijn ontwikkeld voor missies laag in het geweldsspectrum. Het gaat hierbij om antipiraterij- en antiterrorisme operaties, kustbewaking, rechtshandhaving, humanitaire- en drugsbestrijdingsoperaties.
De patrouillevaartuigen opereren dicht bij de kust. De nadruk ligt meer op dreigingen als terrorisme en piraterij. De vaartuigen zijn uitgerust met twee FRISC-boten die snelle inzet in ondiepe wateren mogelijk maken. De boten worden gelanceerd vanuit het inwendige dok onder het helikopterdek of vanaf “davits”.
De klasse is in beperkte mate bewapend. De schepen zijn niet uitgerust met raketsystemen of torpedo’s, maar een divers aantal kanonsystemen. Het zwaarste kanon aan boord is het Oto Melara 76mm kanon. Dit snelvurend kanon schiet 120 schoten per minuut en is in te zetten tegen lucht-, land-, en zeedoelen.
De vaartuigen zijn tevens uitgerust met het 30mm Marlin kanon. Dit wapen kan op afstand worden bestuurd en wordt ingezet tegen “Fast Incoming Assault Crafts”. Elke OPV is uitgerust met twee Hitrole kanons. Dit wapen wordt gebruikt tegen doelen op zee. Om bootjes en personen op afstand te houden kan er gebruik worden gemaakt van zogenaamde bluskanons. Dit zijn niet-dodelijke wapens.

Integrated Mast Module (IMM)
De patrouilleschepen van de “Hollandklasse” zijn de eerste Nederlandse marineschepen die uitgerust zijn met de Integrated Mast Module (IMM). Alle sensorsystemen zijn geïntegreerd in deze mast. De mast is voorzien van camera-, radar- en communicatieantennesystemen.
De sensoren zijn geïntegreerd in een 11 meter hoge mast. Het onderste gedeelte van de mast is uitgerust met de Smile radar. Dit is een niet roterende zoekradar voor de lange afstand. De middensectie van de mast biedt plaats aan het ICCAS communicatiesysteem en de Gatekeeper. Dit waarnemings- en alarmeringssysteem maakt het mogelijk om 360 graden met infrarood- en hoge resolutie camera’s te observeren. Het systeem kan zelfstandig objecten detecteren en identificeren.
Bovenop de mast zit onder de Satcom bol de Seastar Active Active Phased Array Radar. Deze radar wordt gebruikt voor oppervlakte surveillance voor kleinere afstanden en maakt het mogelijk om kleine vaartuigen waar te nemen tussen de golven.
SPECIFICATIES
Afmetingen lengte: 107,9m; breedte: 16,8m; diepgang: 4,55m
Water verplaatsing 3710 ton
Bemanning 50 (+40) man
Voortstuwing 2 5400 kW MAN dieselmotoren en 2 400 kW elektromotoren
Maximale snelheid 21,5 knopen
Bewapening 76mm Oto Melara boordkanon
30mm Oto Melara Marlin snelvuurkanon
2 12,7mm Oto Melara Hitrole NT kanons
6 affuiten voor 7,62mm MAG mitrailleurs
Waterkanon
2 12,6mm mitrailleurs
NH90 NATO Frigate Helicopter
2 Fast Raiding Interception and Special forces Crafts (FRISC)

Ontwikkeling en bouw
Een belangrijk onderdeel van de “Marine studie 2005” was de verwerving van patrouillevaartuigen. Er werd in deze studie gesproken over het vervangen van een deel van de multipurpose fregatten van de Karel Doormanklasse door patrouillevaartuigen. De schepen zouden relatief groot moeten zijn en voorzien zijn van een helikopterdek, moderne sensor- en radarsystemen en een grote actieradius moeten hebben. De nieuw te ontwikkelen vaartuigen zouden weinig wapensystemen aan boord krijgen. De schepen zouden gaan opereren met een kleine bemanning.
In 2007 werd het akkoord getekend voor de bouw van vier patrouilleschepen en vier Integratie Sensor & Communication Systems (ISCS). De schepen zijn gebouwd door Damen Schelde Naval Shipbuilding (DSNS). Een deel van de patrouillevaartuigen werd in Roemenië gebouwd. De afbouw vond in Nederland plaats.

Kleine bemanning
De vaartuigen opereren in vergelijking met fregatten met een laag aantal bemanningsleden. Door gebruik te maken van een centrale bediening en het eenvoudige onderhoud van de verschillende systemen in de mastmodule is er een bemanning nodig van 50 man. Diverse systemen zijn geautomatiseerd of op afstand te besturen. Er is gebruik gemaakt van het 1-mansbrug concept, waardoor de schepen door een persoon volledig te bedienen en te bewaken is.

Laag in het geweldspectrum
De patrouillevaartuigen zijn ontwikkeld voor missies laag in het geweldsspectrum. Het gaat hierbij om antipiraterij- en antiterrorisme operaties, kustbewaking, rechtshandhaving, humanitaire- en drugsbestrijdingsoperaties.
De patrouillevaartuigen opereren dicht bij de kust. De nadruk ligt meer op dreigingen als terrorisme en piraterij. De vaartuigen zijn uitgerust met twee FRISC-boten die snelle inzet in ondiepe wateren mogelijk maken. De boten worden gelanceerd vanuit het inwendige dok onder het helikopterdek of vanaf “davits”.
De klasse is in beperkte mate bewapend. De schepen zijn niet uitgerust met raketsystemen of torpedo’s, maar een divers aantal kanonsystemen. Het zwaarste kanon aan boord is het Oto Melara 76mm kanon. Dit snelvurend kanon schiet 120 schoten per minuut en is in te zetten tegen lucht-, land-, en zeedoelen.
De vaartuigen zijn tevens uitgerust met het 30mm Marlin kanon. Dit wapen kan op afstand worden bestuurd en wordt ingezet tegen “Fast Incoming Assault Crafts”. Elke OPV is uitgerust met twee Hitrole kanons. Dit wapen wordt gebruikt tegen doelen op zee. Om bootjes en personen op afstand te houden kan er gebruik worden gemaakt van zogenaamde bluskanons. Dit zijn niet-dodelijke wapens.

Integrated Mast Module (IMM)
De patrouilleschepen van de “Hollandklasse” zijn de eerste Nederlandse marineschepen die uitgerust zijn met de Integrated Mast Module (IMM). Alle sensorsystemen zijn geïntegreerd in deze mast. De mast is voorzien van camera-, radar- en communicatieantennesystemen.
De sensoren zijn geïntegreerd in een 11 meter hoge mast. Het onderste gedeelte van de mast is uitgerust met de Smile radar. Dit is een niet roterende zoekradar voor de lange afstand. De middensectie van de mast biedt plaats aan het ICCAS communicatiesysteem en de Gatekeeper. Dit waarnemings- en alarmeringssysteem maakt het mogelijk om 360 graden met infrarood- en hoge resolutie camera’s te observeren. Het systeem kan zelfstandig objecten detecteren en identificeren.
Bovenop de mast zit onder de Satcom bol de Seastar Active Active Phased Array Radar. Deze radar wordt gebruikt voor oppervlakte surveillance voor kleinere afstanden en maakt het mogelijk om kleine vaartuigen waar te nemen tussen de golven.
SPECIFICATIES
Afmetingen lengte: 107,9m; breedte: 16,8m; diepgang: 4,55m
Water verplaatsing 3710 ton
Bemanning 50 (+40) man
Voortstuwing 2 5400 kW MAN dieselmotoren en 2 400 kW elektromotoren
Maximale snelheid 21,5 knopen
Bewapening 76mm Oto Melara boordkanon
30mm Oto Melara Marlin snelvuurkanon
2 12,7mm Oto Melara Hitrole NT kanons
6 affuiten voor 7,62mm MAG mitrailleurs
Waterkanon
2 12,6mm mitrailleurs
NH90 NATO Frigate Helicopter
2 Fast Raiding Interception and Special forces Crafts (FRISC)